Het christelijk geloof en wie is God
Christenen wereldwijdDe naam 'christen' wil zeggen: volgeling van Jezus Christus. Zo werden in 50 na Christus de eerste volgelingen van Jezus genoemd. Het was toen een soort scheldnaam, maar christenen vonden het zelf een erenaam. Zo is het dus gebleven. Momenteel zijn er ongeveer 1,2 miljard christenen op de wereld. Die behoren tot drie grote stromingen: de Rooms-Katholieke Kerk, de Oosters-Orthodoxe kerken en de Protestantse kerken. Die laatste groep is verdeeld in allerlei kleinere kerken. Alle christelijke kerken hebben een aantal geloofsteksten gemeen, waarop zij zich baseren.
Over God
Christenen geloven op grond van de Bijbel dat er één God is en dat wij deze God kunnen kennen. Dat kan, omdat Hij heeft laten zien wie Hij is. Hij deed dat in de persoon van Jezus Christus. Die heeft op aarde geleefd van ca. 0-33 na Chr.
Over mensen
Ooit leefden mensen in volkomen harmonie met God, met zichzelf, met elkaar en met de natuur. Zo was het bedoeld. Christenen geloven dat mensen daarvoor zijn gemaakt: leven in een harmonieuze relatie met God en met elkaar. Op een gegeven moment heeft de mens helaas gekozen om de relatie met God te verbreken - we noemen dit de zondeval (de mens zondigde en verbrak zo de harmonieuze relatie met God). De gevolgen zijn vandaag overal nog merkbaar: mensen leven in moeizame en verbroken relaties met God, met zichzelf, met elkaar en met de natuur.
Ons probleem
Dat is onze situatie: wij kunnen niet zonder God leven en niet mét Hem. Maar mensen zijn nu eenmaal gemaakt om te streven naar eeuwigheid, onsterfelijkheid, naar God. Ondanks alles hebben wij het verlangen om boven onszelf uit te stijgen. Als we heel eerlijk zijn tegenover onszelf, erkennen we dat we vaak onrustig zijn. We zoeken vervulling in allerlei zaken. Er zijn bijvoorbeeld mensen die helemaal leven voor hun gezondheid. Anderen gaan voor hun carrière. Nog weer anderen offeren alles op voor hun kinderen. Weer anderen verklaren hun ras, de staat of Ajax heilig. Het kenmerkende hiervan probleem is dat dit allemaal zaken zijn die tijdelijk zijn. Zij kunnen ons verlies niet oplossen en niet vervangen. Vandaar dat het allemaal wel een tijdje helpt, maar niet voorgoed. We worden weer onrustig en gaan weer op zoek. Gevoelens van leegte, schuld, schaamte en wanhoop blijven over en worden sterker, naarmate onze vitaliteit afneemt of wanneer er iets gebeurt in ons leven dat alle zekerheden en garanties overhoop gooit.
De Bijbel zegt dat we alleen rust en vervulling vinden wanneer we weer in harmonie komen met God. We zijn ook onze onbevangen omgang met onszelf kwijtgeraakt. Veel mensen zijn ontevreden, kunnen zichzelf niet accepteren, hebben schuldgevoelens. Zij vinden hun leven weinig zinvol of zijn gewoon bang. De Bijbel leert dat deze problemen ook te maken hebben met ons verlies van God. Vergelijk het met een zonnestelsel. De planeten hebben de zon nodig om hun baantjes te kunnen draaien. Als zij om de een of andere manier de zon als centrum zouden verliezen, zouden ze gedesoriënteerd door het heelal zwalken en met elkaar botsen.
De oplossing
De Bijbel zegt dat mensen zichzelf niet kunnen redden uit dit warnet van gebroken relaties. Wij zijn machteloos. Dat is niet leuk om te horen, maar de oplossing begint met dat te accepteren. God zelf moet ons redden. En dat is mogelijk! Jezus Christus is uit de hemel afgedaald naar de aarde om ons te redden. Hij heeft aan de ene kant laten zien wat het is om te leven in volmaakte harmonie met God ("Ik en de Vader zijn één", zei Hij eens), met Zichzelf, met anderen en met de natuur. Maar aan de andere kant heeft Hij het ook voor ons mogelijk gemaakt om opnieuw in harmonie te komen met God. Dat deed Hij door te sterven aan een kruis en op te staan uit de dood.
De Bijbel leert dat alleen Christus ons kan redden en de relatie met God hersteld, door het geloof in Hem. Wij geloven Als we Hem vragen om ons onze opstand te vergeven en ons te redden, dan mogen we op grond wat er in de Bijbel staat weten dat we gered zijn. Dat wil zeggen dat onze relatie met God hersteld is: Hij heeft ons onze opstand vergeven en wil opnieuw met ons beginnen.
